Aangifte overlijden

Van elk overlijden moet zo spoedig mogelijk (binnen de twee dagen) aangifte gedaan worden bij de Ambtenaar van de dienst Burgerlijke Stand van de gemeente waar het overlijden plaatsvindt. Bij overlijden is het noodzakelijk een arts te verwittigen. De arts vult een formulier (model IIIC) in om het overlijden vast te stellen. Indien het overlijden verdacht of gewelddadig lijkt, verwittigt men ook de politie.

Aangifte

In de praktijk is het doorgaans de begrafenisondernemer die alle formaliteiten voor de aangifte vervult. Je kan deze formaliteiten ook zelf vervullen. 
In theorie kan om het even wie een overlijden aangeven. Bloedverwanten, buren en vrienden zijn hiervoor de meest aangewezen personen omdat zij de nodige inlichtingen omtrent de identiteit van de overledene kunnen verschaffen. Voor de aangifte kan je terecht bij de dienst Burgerlijke Stand.

Kosten

15 euro

Wat moet je meenemen?
  • Overlijdensattest afgeleverd door de geneesheer die het overlijden vaststelde;
  • De identiteitskaart en eventueel het rijbewijs van de overledene;
  • Eventueel het huwelijksboekje van de overledene.
Als de overledene niet in eigen gemeente gestorven is:
  • Een verklaring van het bestuur van de woonplaats over het al dan niet bestaan van een laatste wilsbeschikking;
  • Een doktersattest waarbij een geneesheer verklaart dat het stoffelijk overschot zonder gevaar voor de openbare gezondheid mag overgebracht worden naar het grondgebied van de gemeente waar de begrafenis zal plaats hebben.